Politiezones moeten nog een pak geld krijgen van het verkeersveiligheidsfonds

Vraag van jan Laeremans

Binnenlandse zaken is aan de politiezones nog een pak geld schuldig uit het verkeersveiligheidsfonds.
Kan de heer gouverneur mij meedelen:

1) hoeveel elke zone in onze provincie nog zou moeten krijgen?
2) of die achterstal reeds invloed heeft gehad op het organiseren van acties in het kader van verkeersveiligheid (vermindering van acties, bepaalde aankopen uitgesteld, …)?
3) welke politiezones hiertegen naar de rechtbank zijn gestapt?

Antwoord:

Geacht raadslid,

Betreft : uw vraag van 22.10.2014 i.v.m. de achterstal uit het verkeersveiligheidsfonds voor politiezones.

Ik neem aan dat uw vraag handelt over de meerinkomsten uit het verkeersveiligheidsfonds zoals bepaald in de programmawet van 16 juni 2008. In feite zijn door deze programmawet de zogenaamde eerste schijven voor de lokale politiezones bevroren op de bedragen van begrotingsjaar 2007. Dit is de reden waarom er vanaf begrotingsjaar 2008 een vast, weliswaar geïndexeerd, bedrag aan de politiezones werd uitgekeerd. Over dit vast bedrag, de zogenaamde eerste schijf gaat de vraag waarschijnlijk niet? Over deze eerste schijven zijn er bij mijn weten ook geen problemen, behalve dat de publicatie soms op de valreep en net voor de wettelijke mogelijkheid tot begrotingswijziging voor de politiezones/gemeentebesturen gebeurt.
De inkomsten die de politiezones sedert begrotingsjaar 2008 eigenlijk mislopen, betreffen de dotaties uit de meerinkomsten van de verkeersboetes. Deze meerinkomsten en de verdeling hiervan dienen het voorwerp uit te maken van een uitvoeringsbesluit (federale regering). Tot op heden is dit uitvoeringsbesluit nog niet gepubliceerd en kunnen bijgevolg de bijkomende middelen ook niet verdeeld worden. Ik neem dus aan dat u de verdeling van de meerinkomsten uit de verkeersboeten bedoelt?

In het federaal regeerakkoord is hierover echter het volgende vermeld: ·“Het koninklijk besluit betreffende het vaststellen van de modaliteiten van de verdeling van het Verkeersveiligheidsfonds op basis van de plaats van de vaststelling van de inbreuk zal genomen worden conform aan artikel 7, § 1, 2e alinea van de wet van 6 december 2005 betreffende de opmaak en financiering van actieplannen inzake verkeersveiligheid.”

We gaan er dus van uit dat het desbetreffende uitvoerings-KB zeer binnenkort zal verschijnen en uitwerking zal kennen.

Daarenboven verwijs ik ook naar de beleidsnota Mobiliteit en Openbare Werken 2014-2019, ingediend door Vlaams minister van Mobiliteit, Openbare Werken, Vlaamse Rand, Toerisme en Dierenwelzijn, de heer Ben Weyts. In deze nota wordt expliciet verwezen naar de noodzaak van meer en betere handhaving, ondersteund door middelen uit het verkeersveiligheidsfonds.

Deze visie sluit naadloos aan bij de aanbevelingen zoals geformuleerd door de Vlaamse Conferentie Regionalisering Verkeersveiligheid van 9 december 2013, welke plaatsvond in het Vlaams parlement. Meer concreet werd daar aanbevolen om inzake financiering van verkeersveiligheidsacties duidelijke criteria voor alle actoren te voorzien, al dan niet neergeschreven in prestatieovereenkomsten. Door gebruik te maken van deze prestatieovereenkomsten zullen er extra middelen vanuit Vlaanderen kunnen vrijgemaakt worden voor die bevoegdheden waar de regio’s bevoegdheid krijgen (o.a. snelheidsovertredingen buiten autostrades) en zal er een nauwer overleg en betere afstemming tussen Vlaanderen en de betrokken actoren tot stand komen.

Exact becijferen welk bedrag elke politiezone toekomt, is op dit ogenblik niet mogelijk.
De Vlaamse Vereniging van Steden en Gemeenten (VVSG) heeft, op basis van het ontwerp Koninklijk Besluit, een berekening per regio gemaakt voor de te verdelen meerinkomsten voor 2010. Volgens die schatting zouden de te verdelen meeninkomsten ongeveer 9 miljoen euro bedragen. Volgens het ontwerp-KB zou het saldo verdeeld worden onder de 3 gewesten volgens hun aandeel in de ontvangsten van de boetes en a.d.h.v. volgende verdeelsleutel:

Brussels gewest: 10,7%,
Waals gewest: 21,9%,
Vlaams gewest: 67,4%.

Deze verdeelsleutel toegepast op de ongeveer 9 miljoen euro betekent het volgende:

voorafname federale politie 5% = 454.987 euro,
Brussels gewest: 10,7% = 924.786 euro,
Waals gewest: 21,9% =1.893.620 euro,
Vlaams gewest: 67,4% =5.826.350 euro.

Het saldo van de 2de schijf zou voor de volgende jaren het volgende (kunnen) zijn:

2011: 26 miljoen euro,
2012: 29,2 miljoen euro,
2013: 17,48 miljoen euro,
totaal: 81,8 miljoen euro voor de periode 2010-2013.

De politiezones zones zouden dit bedrag niet in één beweging krijgen. Het zou aan de zones betaald worden na een termijn van 3 jaar vanaf het bedrag van de meerinkomsten (lees 2de schijf) bekend is.

Het is niet echt uit te maken of er door deze niet-verdeling minder acties in het kader van verkeersveiligheid werden uitgevoerd, of er bepaalde aankopen werden uitgesteld of niet gerealiseerd. Bij de implementatie van het verkeersveiligheidsfonds (destijds boetefonds) waren er specifieke verkeersactieplannen en verantwoordingsstaten vereist voor de aanwending van de dotaties uit dit verkeersveiligheidsfonds. Deze verantwoordingen zijn sedert 2009 niet meer opgenomen in de voorwaarden om de dotaties te ontvangen. Het is bijgevolg niet meer mogelijk om de aanwending van de middelen uit het verkeersveiligheidsfond te traceren, maar het is evident dat de politiediensten meer taken kunnen uitvoeren als zij over meer middelen beschikken. Wetende dat om operationele redenen het meest wordt ingebroken op de planning voor verkeersacties in de politieorganisaties, lijkt het mij meer dan logisch dat er minder verkeersacties en minder materiële middelen voor verkeersdiensten ter beschikking zijn wanneer de globale middelen verminderd worden (door niet uitbetalen van de 2de schijf verkeersveiligheidsfonds-meerinkomsten).

In onze provincie hebben de meeste zones (of plannen dat nog te doen) de minister van Binnenlandse Zaken in gebreke gesteld voor het mislopen van de vernoemde 2de schijf van het Verkeersveiligheidsfonds. Sommige politiezones/gemeentebesturen buiten de provincie Vlaams-Brabant hebben een gerechtelijke procedure lopen hiertegen voor de burgerlijke rechtbank (zoals de zone Ham/Beringen/Tessenderlo – ).

Namens de deputatie,

Marc Collier,
provinciegriffier